Kasteelhoeve (voormalig klooster met boerderij) Wijnandsrade - Wijnandsrade

  • Informatie
  • Gegevens
  • Documentatie
  • Media
  • Domein
  • Wikipdia

Naam:

Wijnandsrade

Adres:

Opfergeltstraat 1, Wijnandsrade

Website:

http://www.kasteelwijnandsrade.nl

Bezoek mogelijkheden:

Nee

Omschrijving:

(RCE) Linkervleugel van het kasteel Wijnandsrade met toegangspoort uit 1719. Hiertegenaan gebouwd twee haaks op elkaar staande vleugels welke binnenplaats omsluiten. De zuidvleugel van de hoeve met hoektorentjes uit 1634. Tegenover het kasteel een vakwerkschuur uit de 18de eeuw.

Bouwtype:

Kasteelhoeve (voormalig klooster met boerderij)

Typologie:

Voorburcht

Huidig gebruik:

Gedeeltelijk kantoor met modelboerderij

Adres:

Opfergeltstraat 1

Plaats:

Wijnandsrade

Gemeente:

Nuth

Rijksmonument:

30901

Omvang monument:

Kasteelhoeve

Literatuur:

  • Anoniem, 'Restauratie-nieuws' in: Nieuws-Bulletin van de Koninklijke Nederlandse Oudheidkundige Bond, 1949, p. 102.
  • Anoniem, 'Het spook van Wijnandsrade' in: Bulletin Wijnandsrade, nummer 8, 1986, p. 235-239.
  • Avl., 'Wijnandsrade' in: Ons Heem, 8(1959)5, p. 107-109.
  • Beckers, I.I.C.T.M., Kasteel Wijnandsrade, Delft, projectscriptie TH Delft, 1981.
  • Brongers, E.H., 'Restauratie van kasteel Wijnandsrade' in: Nuth en Omstreken, 30(1991).
  • Brongers, E.H., Geschiedenis van het Kasteel Wijnandsrade, Nuth, Stichting tot Behoud van Kasteel Wijnandsrade, 1994, 76 p.
  • Coenen, M., 'Franz Virnich' in; Bulletin Wijnandsrade, nummer 8, 1986.
  • Crassier, Louis baron de, Dictionnaire historique du Limbourg néerlandais de la période féodale à nos jours, Maastricht, Van Aelst, opnieuw gepagineerde overdruk uit Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg 1930-1937, p. 622.
  • Hupperetz, W., B. Olde Meierink en R. Rommes (red.), Kastelen in Limburg. Burchten en landhuizen (1000-1800), Utrecht, Matrijs, 2006, pp. 334-338.
  • Habets, J., 'De leenen van Valkenburg I' in: Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Duché de Limbourg, 21(1884), p. 273.
  • Jansen, J. en J. Jetten, Wijnandsrade in oude ansichten, Zaltbommel, Europese Bibliotheek, 1986, 76 p.
  • Janssen de Limpens, K.J.Th., Leen- en laathoven in de Maaslandse territoria vóór 1795, (Werken uitgegeven door Limburgs Geschied- en Oudheidkundig Genootschap, nr. 6) Maastricht, 1974, p. 51 en 219 (nrs. 189, 1250 en 1251).
  • Jetten, J.J.A., 'Wijnandsrade, de parel van Zuid-Limburg' in: Bulletin Wijnandsrade, nummer 8, 1986, p. 187-194
  • Jetten, J.J.A., 'Joseph Clemens vrijheer van Bongart en zijn kasteel te Wijnandsrade' in: Bulletin Wijnandsrade, nummer 11, 1990, p 374-403.
  • Jetten, J.J.A., 'Tableau vivant op kasteel Wijnandsrade' in: Bulletin Wijnandsrade, nummer 13, 1992.
  • Krüll, W.J., Bibliografie van de geschiedenis van de Zuid-Limburgse kastelen en landhuizen, Heerlen, 1982, nummer 70.
  • Leclercq, W.L., Limburg, Reisboek, Amsterdam, z.j. (±1940), p. 235.
  • De Provincie Limburg (2 delen), Deel VII in Voorlopige Lijst der Nederlandsche Monumenten van Geschiedenis en Kunst, Den Haag, 1926, p. 559.
  • Peeters, P.G., 'Korte schets der geschiedenis van de Valkenburgse heerlijkheid Wijnandsrade' in: Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Duché de Limbourg, 23(1886), p. 362-440.
  • Reyen, P.E. van, Middeleeuwse kastelen in Nederland, Bussum, Fibulareeks 9, uitgever C.A.J. van dishoeck, 1965.
  • W., L. van, 'Limburgsche kasteelen: Het slot Wijnandsrade' in: De Nedermaas, 2(1924 / 25)2, p. 18-19.

Afbeeldingen Beeldbank RCE

U kunt foto's van dit monument toevoegen op Wikimedia Commons o.v.v. rijksmonumentnr. 30901

Kasteel Wijnandsrade is een kasteel gelegen in de kom van het gelijknamige dorp Wijnandsrade in de Limburgse gemeente Beekdaelen.

Het kasteel is een rijksmonument.

Beschrijving

Het huidige kasteel is een gedeeltelijk omgracht gebouw bestaande uit drie vleugels om een binnenplaats. Het oudste deel is de westvleugel, een oorspronkelijke verdedigbaar huis in de jaren 1554 tot 1563 gebouwd door de gebroeders Wilhelm en Werner von dem Bongart. In deze vleugel bevindt zich de oorspronkelijke ridderzaal met een 16e-eeuwse schouw. De zuidelijke vleugel en de oostelijke vleugel werden in opdracht van baron Joseph Clemens von dem Bongart gebouwd tussen 1717 en 1719. Omstreeks 1726 werd de toegangspoort verhoogd en voorzien van een koepeltorentje met lantaarn en in 1775. Boven de toegangspoort midden in de zuidgevel is het baroniewapen van Von dem Bongart aangebracht.

Naast het kasteel ligt een kasteelhoeve, de vroegere borchhof, bestaande uit drie vleugels rond een grote binnenplaats. De kasteelhoeve is jarenlang in gebruik geweest als proefboerderij voor de lössgronden, maar wordt sinds 2006 verhuurd aan verschillende bedrijven.

Achter het kasteel ligt de motte Wijnandsrade omgeven door de kasteelgracht. Op deze kunstmatige heuvel heeft het oorspronkelijke slot gestaan, waarschijnlijk een weertoren. Deze is opgericht in de 13e eeuw, maar moest worden verlaten toen haar verdedigingsfunctie door de uitvinding van het buskruit verloren was gegaan. Er zijn geen resten van deze bebouwing bewaard gebleven, maar de motte staat onder monumentale bescherming.

Vroege geschiedenis en naamgeving

De burcht van Wijnandsrade wordt voor het eerst vermeld in de 12e eeuw. De oudste burcht was een verdedigingsbouwwerk, waarschijnlijk een donjon, boven op een motteheuvel. Deze donjon was waarschijnlijk opgericht door Godfried II, zoon van Godfried I, heer van Schinnen en tevens de eerste heer van Rode-Wijnandsrade. De naam "Rode" is ontleend aan het gerooide en ontgonnen gebied, waarvan de gronden in cultuur werden gebracht. Sindsdien zijn deze lössgronden onafgebroken voor de landbouw in gebruik geweest. Een dochter van Winand II Godfriedszoon van Rode Elysabeth huwde met Johann van Maschereel Van Schoonvorst Kasteel Schonau te Richterich en droeg ook het wapen van Schonrode. Johann was een nakomeling van Heineman (Hendrik) van Haasdal (Schimmert) zoon van Goswinus. De ridders Maschereel van Rode wisten zich op het slagveld te onderscheiden en mede door huwelijken en vererving steeg het geslacht in aanzien. Diverse nakomelingen van Godfried van Rode hadden de voornaam Wijnand en na Johan, Jan van Rodes zoon Wijnand Maschereel van Rode, vanaf 1397 heer van Wijnandsrade. Ter onderscheiding van andere gebieden die "Rode" of "Rade" heetten, noemde men deze heerlijkheid aanvankelijk Herwinandsrode, later werd dit Wijnandsrade.

In de zestiende eeuw kwam een einde aan de dynastie Maschereel van Schonforst te Rode, toen in 1516 de erfdochter van Winand IV Maschereel, Maria, in het huwelijk trad met Willem van den Bongard, De familie van de Bongart woonde op het kasteel Haus Heide te Kohlscheid aan de beek de Amstel aangrenzend aan Kerkrade en anderzijds aan Richterich waar Johann Macharel te kasteel Schonau woonde.Zij waren van een oud Rijnlands geslacht met bezittingen in Paffendorf en Bergerhausen (Essen). Zij waren een ministeriaal geschlacht ten dienste van de Hertog/Graaf van Gullik en zetelden op Burg Wilhelmstein aan de overzijde van de Wurm. Hij was tevens later erfkamerheer van de hertogen van Gulik en ambtman van Düren en Nörvenich. Zijn schoonvader Wijnand IV Maschereel droeg in 1531 de heerschappij van de heerlijkheid aan hem over in ruil voor een jaarwedde. Daarmee kwam het kasteel en de heerlijkheid in handen van de familie Van den Bongard, die ook het nabij kasteel De Bongard in Bocholtz bezat.

Periode Von dem Bongart

De zoons van Wilhelm von dem Bongart, Wilhelm en Werner, werden gezamenlijk eigenaar, maar na deling, waarbij Wilhelm Heer van Heijden werd, verwierf als Werner I de heerschappij over Wijnandsrade. Hij verliet de motte en bouwde een kasteel aan de voet daarvan. De bouw, die in 1554 aanving duurde tot 1563. Hiervan is bewaard gebleven de westvleugel van het huidige kasteel.

Zijn zoon Werner II, gehuwd met Anna Catharina van Vlodrop, kreeg de titel Freiherr (baron) en het ging hem zeer voorspoedig, mede omdat hij de Luxemburgse bezittingen zoals Moerstorf, Veltz (Larochette) en Beffort (Beaufort), erfde van een oom van zijn vrouw, Balthasar van Vlodrop. Ook verwierven zij Terblijt en Rijckholt in deze regio. Zijn zoon, Wilhelm II von dem Bongart, sneuvelde op 17 september 1631 in krijgsdienst tijdens de Dertigjarige oorlog op het slagveld van Leipzig. Zijn graf met fraai monument bevindt zich in het koor van de naastgelegen parochiekerk. Een minder fraai standbeeld staat op de binnenplaats van het kasteel bij de opgang naar de motte.

Het kasteel werd rond 1775 aanmerkelijk verfraaid. Onder meer werden er een buitendeur in Louis XV-stijl en schilderingen in het trappenhuis aangebracht. Ook werden er tuinen naar de Franse mode aangelegd en een lange allee met linden, die in het landschap het vrijheerlijke wapen Von Bongart uitbeeldde.

In 1794 kwam een einde aan de Heerlijkheid Wijnandsrade door de komst van de Fransen. De familie Von Bongart bleef weliswaar in het bezit van kasteel en pachthoeven, maar het bestuur van het gebied werd overgenomen door het Franse bestuur, dat de Commune Wijnandsraede instelde. In deze periode waren er tegenstellingen in het dorp, waarbij het kasteel zelfs met brandstichting werd bedreigd.

Na de Franse tijd werd het grondgebied van de vroegere heerlijkheid ondergebracht in de gemeente Wijnandsrade. De familie Von dem Bongart verbleef meestal op het slot te Paffendorf. Een rentmeester behartigde alhier hun zaken. In 1872 stelden baron Ludwig en baronesse Melanie het kasteel ter beschikking aan de Duitse Jezuïetenorde, die door de keizer uit Pruisen verjaagd was vanwege de Kulturkampf. De paters vestigden hier een seminarie, dat al spoedig een centrum werd van geloof en wetenschap. Hun overste pater Wilhelm Eberschweiler SJ stierf in 1921 in roep van heiligheid en sinds 1952 wordt er in Rome een zaligverklaringsproces gevoerd. Een andere bekende pater was Erich Wasmann SJ, die bekendstaat als de "Mierenpater", die een wereldberoemde verzameling mieren aanlegde die zich thans bevindt in het Natuurhistorisch Museum te Maastricht. De paters vertrokken uit Wijnandsrade in 1910.

De laatste Baron von dem Bongart, Ludwig, stierf kinderloos en vermaakte alle bezittingen aan de neef van zijn echtgenote Melanie, Pius Wilderich Graf von Walderdorf, die na toestemming van de Oostenrijkse keizer Franz Joseph II de titel Freiherr von Bongart mocht gaan voeren. Pius verkocht het kasteel en de overige bezittingen in Wijnandsrade echter in 1916 aan de Heerlense bankier Hubert Jozef Dupont (1880-1964), waardoor een definitief einde kwam aan de periode Von dem Bongart.

Recente bewoners en eigenaren

Vrijwel onmiddellijk daarna verkocht de bankier het kasteel aan de pachter van de kasteelhoeve, Theodoor Joseph Hubert Opfergelt (1854-1931), die van 1905-1929 burgemeester van Wijnandsrade was. Hij werd als burgemeester opgevolgd door zijn zoon Godfried Opfergelt (1888-1977), die ook op de kasteelhoeve bleef wonen en in functie bleef tot 1953. In 1928 werd het kasteel verkocht aan de paters Minderbroeders Conventuelen, die er een College "Christus Koning" vestigden, waar seminaristen werden opgeleid. De kasteelhoeve met 58 ha landbouwgrond werd in 1959 verpacht aan de Stichting Proefboerderij Wijnandsrade, die ook later eigenaresse werd. Een ingrijpende restauratie in het begin van de jaren 80 maakte de hoeve geschikt als representatief centrum van de akkerbouw op de lössgronden.

In 1967 werd het kasteel eigendom en onderkomen van het ingenieursbureau Royal Haskoning. Angezien het gedeeltelijk leeg bleef staan, was verval onontkoombaar. De huidige eigenaar is sinds 1990 de Stichting tot Behoud van Kasteel Wijnandsrade en deze is in 1992 met een ingrijpende restauratie begonnen. De ridderzaal wordt tegenwoordig onder meer gebruikt als trouwzaal. In het kasteel zijn appartementen ingericht, die door particulieren bewoond worden. Ook zijn er ruimten als kantoren en vergaderzaal in gebruik. Sommige gedeelten zijn voor het publiek toegankelijk. In de zomer wordt reeds 35 jaar in kasteel en kasteelhoeve het Cultuur- en Folklorefestival georganiseerd, dat bezoekers uit binnen- en buitenland trekt. Vanaf 2006 is de Stichting tot Behoud van Kasteel Wijnandsrade ook eigenaresse van de kasteelhoeve, zodat het gehele gebouwencomplex weer in eigendom is verenigd.

Sinds 2008 wordt een vleugel van de kasteelhoeve gebruikt voor promotie, productie en groothandelsverkoop van Limburgse wijnen. Er is ook een proeflokaal en een terras, dat in de zomer druk bezocht wordt.

Publicaties

Over de rijke geschiedenis van het kasteel zijn diverse publicaties uitgebracht, onder andere:

  • P.G. Peeters, Korte schets der geschiedenis van de Valkenburgsche Heerlijkheid Wijnandsrade, uit: Publications PSHAL, tomé XXIII (1886), pag. 362-440.
  • Eppo Brongers, Geschiedenis van het Kasteel Wijnandsrade, 1994 en 2001 (2 drukken).
  • Jack Jetten, Joseph Clemens Vrijheer von Bongart en zijn kasteel te Wijnandsrade, uit: Wijnandsrade de parel van Zuid-Limburg, pag. 25-47, Wijnandsrade, 2002.
  • Jack Jetten, Hoog Bezoek op Kasteel Wijnandsrade, uit: Wijnandsrade Binnenste Buiten, pag. 275-316, Wijnandsrade, 2007

Foto's

Externe link

  • Dit kasteel op de website Nederlandse Middeleeuwse Kastelen
  • Bron; Henricourt

Ga naar Wikipedia.

Aan de noordoever van de Hulsbergerbeek en pal en westen van de kerk ligt de verlaten motte van Wijnandsrade. Ten zuidwesten hiervan werd in de zestiende eeuw een poort met bijgebouwen opgetrokken, terwijl in de achttiende eeuw nogmaals een grote westelijke uitbreiding volgde en de oudere bebouwing werd aangevuld. Hierdoor ontstond aan de zuidzijde een lange gevel met in het midden de huidige toegangspoort, links de kasteelhoeve en rechts het kasteel dat sinds de jongste restauratie een woon- en kantoorfunctie heeft.

De oorsprong van kasteel Wijnandsrade moet gezocht worden in een verdedigingstoren op een motte.

De motte van Wijnandsrade is goed herkenbaar gebleven. Hij ligt nu nog voor driekwart binnen een brede omgrachting. De doorsnede van de burchtheuvel is aan de basis 42 a 45 meter en op het enkele meters hoger gelegen plateau circa 25 meter. Aangenomen mag worden dat hier een toren heeft gestaan. Er zouden zich fundamenten in de heuvel moeten bevinden, maar uitgebreid archeologisch onderzoek heeft hier nog niet kunnen plaatsvinden, vanwege de fraaie begroeiing van de heuvel. (…) De sterkte moet in de vijftiende eeuw buiten gebruik zijn geraakt.

Werner von Bongart liet in 1554 een nieuw mergelstenen gebouw optrekken aan de westkant van de mogelijk reeds aanwezige en omgrachte voorburcht, die direct ten zuiden van de motte lag.

Tussen 1717 en 1719 werd het oorspronkelijke rechtergedeelte opgenomen in de grote zuidvleugel en kreeg het eenzelfde bakstenen uiterlijk. (…) Omstreeks 1634 was er al een nieuwe westelijke voorhof aangelegd. Deze werd door een (…) muur en twee vierkante torentjes beschermd met als gevolg dat de westelijke gracht een tussengracht werd. Ook hier werden in de jaren 1717-1719 tegen de verdedigingsmuur drie haaks op elkaar staande bakstenen vleugels gebouwd. (…) Samen met de zuidvleugel van de hoeve werd zo een front van maar liefst 100 meter breed verkregen. Nadien werd in 1822 in de westhof alleen nog een schuur, die de noordzijde van de voorhof besloeg, vervangen. Na enkele kleine aanbouwen en restauraties omstreeks 1932, volgde vanaf 1990 een grootscheepse restauratie. Het achttiende-eeuwse karakter van het complex is daardoor goed geconserveerd.

Nu nog te zien:



Context:

Gelegen aan de noordoever van de Hulsbergerbeek, op de plek waar twee beken samenkomen.